Retro Sampler – deel 1

Retro Sampler-1-2 500

 

Retro Sampler – deel/part 1
Bij de werkwijze worden een aantal technieken uitgelegd die handig zijn bij het breien van deze Retro Sampler. In de Retro Sampler – deel 1 worden de volgende kleuren gebruikt:

In the instructions below you will find explanations of some techniques you can use to knit the Retro Sampler. In Retro Sampler – deel 1 the following colors will be used:

RS-deel 1

Retro Sampler-prev-10 500

 

Werkwijze Retro Sampler – deel 1
Zet met breinaalden van 3 mm en kleur 1A 216 steken op. Ik heb mijn steken opgezet volgens de hand-duimmethode, maar je kunt jouw favoriete manier gebruiken.

Instructions Retro Sampler – part 1
With 3mm/US 2,5 straight needles and color 1A, cast on 216 stitches. Use your own favorite way of casting on to start your Sampler.

Retro Sampler-prev-4 500

 

Tip
Om het tellen van de steken makkelijker te maken, kan om de 25 steken een haarelastiekje op de breinaald worden geschoven. Verwijder deze elastiekjes in de eerstvolgende toer.

Brei 3 toeren (heen en terug) in boordsteek *1 recht, 1 averecht*. Herhaal *…*.

Tip
To make counting the stitches a bit easier, you could place stitch markers after each 25th stitch. Make sure to remove the stitch markers in the next row.

Work 3 rows back and forth in rib stitch *knit 1, purl 1*. Repeat *…*.

rs-moff-1-verdelen-1

 

Nu worden de steken in 2-en verdeeld, zodat er verder in het rond kan worden gebreid. Dit gebeurt als volgt:

Leg het werk voor je neer. Rechts bevindt zich de werkdraad.

After row 3, divide the stitches evenly over the circular needles, so you can continue in the round. This is how you divide the stitches:

Put down your work in front of you, with the working thread on the right.

rs-moff-1-verdelen-2

 

Begin aan de linker kant van het werk. De steken worden nu overgezet op de rondbreinaald. De averechte steken op de bovenste ‘punt’ van de rondbreinaald en de rechte steken op de onderste ‘punt’ van de rondbreinaald.

Start on the left side of your work. Now start placing the stitches onto your circular needle. Place the purl stitches on the ‘top’ needle, and the knit stitches on the ‘bottom’ needle.

rs-moff-1-verdelen-3 rs-moff-1-verdelen-5

rs-moff-1-verdelen-6

 

Maak gebruik van de techniek ‘Magic loop‘. Trek de achterste naald, waar de averechtse steken op zijn gezet, uit de steken en start met de naald met de rechte steken.

When knitting in the round, use the ‘Magic loop‘ method. Pull at the needle carrying the purl stitches and knit the knit stitches.

rs-moff-1-verdelen-7

 

Wanneer de 1e naald met rechte steken gebreid is, lijkt het of de gebreide steken – onder de naald – veel groter zijn. Dit komt doordat de averechte steken – aan de achterkant van het werk – op de kabel staan en ‘ruimte weggeven’. Bij het breien van de volgende naald met averechte steken – herstelt zich dit!

Once you finish the first round of knit stitches, it seems as if the stitches in the row below are much bigger than the others. This is because the purl stitches – at the back of your work – have been placed on the cable and leave room to maneuver. Once you’ve finished working the purl stitches, this will all flatten out.

rs-moff-1-verdelen-8

 

Door aan de lus van de kabel te trekken, komen de averechte steken weer op de ‘punt’ van de rondbreinaald te staan.

By pulling at the loop of the cable, the purl stitches will slide to the tip of the needle, and will be ready to be knit.

rs-moff-1-verdelen-9

 

Keer het werk. Houd de ‘punt”’van de rondbreinaald met daaraan de werkdraad achter. Breng de werkdraad over de breinaald naar achteren. Trek de breinaald (boven op de foto) uit de steken en brei de volgende naald.

Turn your work. Keep the tip of your needle carrying the working yarn at the back (this is now the ‘top needle’). Place the working yarn over the top needle to the back. Pull the top needle from the stitches and continue working in the round.

Brei verder met een rondbreinaald van 3½ mm. Brei toer 5 tot en met toer 34 volgens patroon met kleur 1A en 4B. Vooraf een aantal tips om het breien makkelijker te maken:

Tip 1
Om het tellen van het patroon makkelijker te maken, kan in de eerstvolgende toer om de 12 of 25 steken een haarelastiekje op de breinaald worden geschoven.

Tip 2
Breng een markering aan voor de 1e steek om het begin van de toer aan te geven.

Tip 3
Maak gebruik van de Fair Isle breitechniek. Bij deze techniek wordt met één draad in de rechterhand en een tweede draad in de linkerhand gebreid. Dit wordt ook wel de ‘The Two-handed Fair Isle Technique’ genoemd. Op de website van www.philosopherswool.com wordt deze techniek in een video uitgelegd.
Wanneer de techniek goed wordt toegepast, raken de bollen niet door de war.
Laat de draden niet meer dan 3 steken los hangen en zorg ervoor dat nooit 2 keer op dezelfde plaats de draden gedraaid worden. Brei niet te strak. Tijdens het breien, zijn de meegenomen draden aan de voorkant zichtbaar. Na het behandelen met Eucalan trekt dit helemaal weg.

Tip 4
Maak gebruik van de techniek ‘strepen in het rond breien’. Met behulp van deze techniek zullen strepen mooi doorlopen. Deze techniek wordt, met  behulp van foto’s, uitgelegd op de pagina met deze link ‘strepen rondbreien‘.

Switch to 3,5mm/US 4 circular needles. Work rounds 5 through 34 according to pattern, using
colors 1A and 4B. But first, here are some tips to make things a bit easier for you:

Tip 1
To help with the counting, you can place stitch markers after every 12th or 25th stitch in the next round.

Tip 2
Place a marker to mark the first stitch of the round.

Tip 3
Use the Fair Isle knitting technique, carrying one strand of yarn in your right hand and one strand in your let hand. This method is also called the ‘The Two-handed Fair Isle Technique’. Visit www.philosopherswool.com for a video on how to work this technique. If you apply this method, your balls of yarn will keep from tangling.

Make sure to secure the stitches at the back of your work after every 3 stitches of one color. Also, note that the floats should never be secured in the same place for more than one row. Try not to knit too tightly. The floats at the back will be visible on the right side while you work, but once the finished project is soaked in Eucalan, all the stitches will straighten.

Tip 4
Use the technique ‘knitting stripes in the round’, to make the transition of the rounds nice and smooth. Here’s the link for instructions on knitting stripes in the round: ‘Knitting stripes in the round’.

Retro Sampler van Anja Jooren

Retro Sampler van Anja Jooren

Toer 35 en 36 – Brei beide toeren met kleur 5A.

Tip
Wanneer er een toer in één kleur wordt gebreid, wordt deze toch met 2 draden op de Fair-Isle manier gebreid om de draadspanning hetzelfde te houden. Ik brei dan van dezelfde kleur met de *linkerhand 3 steken en dan met de rechterhand 1 steek* – herhaal *…*. In de toer erna brei ik dan 1-lh (1 steek met de linkerhand), 1-rh (1 steek met de rechterhand) en daarna weer *3-lh, 1-rh* – herhaal *…*.

Toer 37 en 38 – Brei beide toeren met kleur 3B.
Toer 39 en 40 – Brei beide toeren met kleur 1D.

Rounds 35 and 36 – Work both these rounds with color 5A.

Tip
When you only have to use one color for a particular round, make sure to work with the Fair Isle technique all the same. Otherwise the gauge and tension of these one-color rounds will be different from the rest. I always carry a strand of the same color in both hands, and work *3 stitches with my left hand, then 1 stitch with my right hand*. Repeat until the end of the round. Then, in the next round, work *1 stitch with my left, 1 stitch with my right*, and in the round after that * 3 stitches with my left, 1 with my right*, and so on.

Rounds 37 and 38 – Work both rounds with color 3B.
Rounds 39 and 40 – Work both rounds with color 1D.

Patroon/Chart Retro Sampler – deel/part 1

Retro Sampler-1 patroon